Als immigrant in de Verenigde Staten ervoer Simone Kennedy (45) destijds wat het betekent van de ene op de andere dag niemand meer te zijn. De herinnering aan die periode helpt haar vandaag vluchtelingen alle liefde van de wereld te geven.

tekst Jasper van den Bovenkamp beeld Anne Paul Roukema

Ze schopte het afgelopen maand net niet tot Amersfoorter van het Jaar, maar dat vindt Kennedy zelf helemaal niet zo erg. Dat soort titels moeten naar burgers gaan, niet naar politici, zegt de fractievoorzitter van de lokale ChristenUnie. Toch leek ze met een flink aantal stemmen lange tijd een serieuze gooi naar het podium te doen. Niet vanwege haar politieke verdiensten, maar omdat ze lof oogstte met haar tomeloze inzet voor vluchtelingen in de stad. Als privépersoon.

Het meest recente wapenfeit is de oprichting van Facebookgroep Gastgezin Amersfoort, dat moet voorzien in connecties tussen de Amersfoortse bevolking en binnenkomende vluchtelingen. “Het werkt heel simpel: er zijn mensen die op het online platform aangeven waar behoefte aan is – kleding voor vluchtelingen bijvoorbeeld, of vervoer – en er zijn mensen die de dingen regelen. Ondertussen hebben we een giganetwerk van vrijwilligers dat op allerlei manieren in de behoeften voorziet.”

“Mijn identiteit heb ik helemaal opnieuw moeten uitvinden.”

Toen een paar weken geleden het schoolzwemmen voor asielkinderen begon, werd via de Facebookgroep zwemkleding geregeld. “Nee, natuurlijk, dat hadden ze niet, maar via het platform was het binnen een paar uur gefikst. Er was iemand die alle maten had opgenomen en doorgegeven, een ander gaf een zwembroek weg, een lokale sportzaak doneerde een hele partij zwemkleding, een volgende haalde het op en weer een ander zorgde voor transport naar het azc. Zo wordt er via het netwerk van alles georganiseerd.”

Waar komt die gedrevenheid voor haar medemens eigenlijk vandaan? “Ik denk dat de basis is gelegd in Amerika, waar ik negen jaar heb gewoond. In Nederland was ik een succesvolle student, men adviseerde me te solliciteren naar een mooie functie bij het Europees Parlement, en ik had veel fijne vrienden die tegen me zeiden: jij gaat het daar in Amerika helemaal maken. Maar toen ik er als immigrant in de jaren negentig binnenkwam, bleken mijn diploma’s, mijn ervaring en mijn netwerk helemaal niets meer waard te zijn. Ik moest met fabriekswerk beginnen. Mijn identiteit heb ik helemaal opnieuw moeten uitvinden.”

Dat was best wel een schok, herinnert Kennedy zich. “Maar gelukkig waren er veel mensen die me uitnodigden, verwelkomden, of gewoon een praatje met me maakten. Dat heb ik toen als zó ontzettend warm ervaren. Zonder die relaties had ik het nooit gered.”

Toen ze jaren later, terug in Nederland, in aanraking kwam met een Afghaanse vluchteling die na martelpraktijken in zijn eigen land van de ene Griekse gevangenis naar de andere verhuisde, en uiteindelijk in een Nederlands detentiecentrum belandde zonder ooit met één persoon echt contact te hebben gehad, stonden de Amerikaanse inburgeringsavonturen nog scherp op haar netvlies. Haar ogen voor de nood van vluchtelingen werden geopend, zegt ze.

Meerdere ontheemden hebben inmiddels in huize-Kennedy onderdak gevonden. De politica roept niemand op haar voorbeeld na te volgen, maar ze wil wel benadrukken dat persoonlijke en warme relaties van levensbelang zijn voor een succesvolle integratie van de grote stroom asielzoekers. “Ik heb serieus begrip voor mensen die vluchtelingen een gevaar voor de Nederlandse samenleving vinden. En ja, het zou best kunnen dat op termijn onze cultuur en vrijheden worden bedreigd. Maar boven alles denk ik dan: laat vluchtelingenknuffelaars – zoals ik – alsjeblieft voor die mensen zorgen. Want als we daarmee stoppen, ben ik bang dat de pessimisten vroeg of laat gelijk zullen krijgen.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *