‘Wat te doen met tien procent geweld in Bijbel?’

Nu christenen vaker worden bevraagd op de verhouding tussen religie en geweld, is een goede doordenking van de thematiek belangrijker dan ooit, zegt theoloog Sam Janse. Zijn advies: vlucht niet te snel naar de veilige negentig procent geweldloze en liefdevolle teksten in de Bijbel.

Veel christenen voelen een licht ongemak zodra het thema ‘religie en geweld’ ter sprake komt. Natuurlijk, wij hebben de kruistochten op ons geweten, maar is dat niet érg lang geleden? Toch lijken kerk en christendom daar vandaag niet mee weg te komen. Het verwijt blijft klinken, bijvoorbeeld in de talkshow van Jeroen Pauw. Hij nodigde eind vorig jaar ds. Paul Visser en presentator Tijs van den Brink uit, om te horen hoe het nu zit: roept de Bijbel op tot geweld, of kun je dat anders uitleggen? Na de uitzending lieten Theoloog des vaderlands Janneke Stegeman en zelfbenoemd Twittertheoloog Alain Verheij weten dat christenen niet moeten wijzen naar de islam, maar de hand in eigen boezem dienen te steken: daar is genoeg geweld te vinden, geef je daarvan eerst maar eens rekenschap. Ook dr. Sam Janse, die geregeld over religie en geweld publiceert, pakte de handschoen op. Hij liet in een opinieartikel in het Reformatorisch Dagblad weten dat zelfkritiek gezond is, maar niet mag leiden tot oogkleppen voor risicovolle aspecten van bijvoorbeeld de islam.

Wonderlijk effect
Opvallend is intussen dat christenen kritische vragen op hun bord krijgen, omdat terroristen in naam van Allah aanslagen plegen. Een wonderlijk effect van walgelijke terreur, vindt ook Sam Janse: “Een stel onbehouwen en sadistische beulen kan kennelijk vragen stellen aan de theologie. Niet dat ze die correct formuleren, maar zonder veel woorden komt het theologisch probleem toch op de tafel van christenen en joden terecht: hoe zit dat met het geweld in jullie religieuze traditie? In jullie heilige boeken vloeit toch ook wel wat bloed? Die vraag was al eerder gesteld, maar komt nu door IS met nieuwe kracht op ons af.”

Sam Janse is het schoolvoorbeeld van de theoloog die de discussie aandurft, op het brede forum van de samenleving. In zijn nieuwe boek, dat eind vorig jaar verscheen, zoekt hij expliciet het gesprek met Paul Cliteur, de man die vindt dat monotheïsme, het geloof in één God, onlosmakelijk verbonden is met geweld en onderdrukking. Een ferme tegenstander voor gelovigen, deze Cliteur, van het kaliber van atheïst Herman Philipse, maar Janse voert het gesprek met open vizier. Zijn boek draagt de glasheldere titel Is het de schuld van de ENE? In gesprek met Paul Cliteur en anderen over monotheïsme en geweld. Op een zelfkritische manier bespreekt Janse geweld in de Bijbel en daarna, maar ook wijst hij op tendensen die geweld tegengaan. Daarbij schetst hij ook de zegeningen die het christendom in petto heeft gehad voor de Europese geschiedenis. Een kwestie van eerlijkheid, vindt hij: “Laten we de kritische noties niet verabsoluteren, maar het ‘hele plaatje’ in ogenschouw nemen.”

U vindt dat het wel beter kan, de reactie van christenen op kritische vragen uit de samenleving. Wat maakt het voor christenen lastig, om goed te participeren in de discussie over religie en geweld?
“Christenen ervaren een zekere verlegenheid in deze materie, omdat ook zij het moeilijk vinden om te geloven dat God opdracht zou geven om hele stammen en steden uit te roeien, inclusief de vrouwen en kinderen. Maar gelovigen vinden het tegelijk ingewikkeld om dat toe te geven. Want dan zeg je dat de bijbelschrijver zich heeft vergist, of op zijn minst dat zich menselijke en kleinmenselijke inzichten hebben vermengd met de boodschap die hij van God heeft opgevangen. Orthodoxe christenen hebben het idee dat ze dan richting Harry Kuitert gaan en dat willen ze niet. Dat snap ik. Daar wil ik zelf ook niet terechtkomen. Kuitert heeft voor een deel gelijk: veel van boven komt van beneden. Maar niet alles! Van de theoloog Karl Barth heb ik geleerd dat Gods openbaring zo krachtig en sprekend is dat die ook door gebrekkige woorden van gebrekkige mensen heen kan breken.”

Wat vond u van het gesprek dat Tijs van den Brink en Paul Visser eind vorig jaar voerden bij Pauw?
“Dapper dat Visser die open brief heeft geschreven, en dat hij met Van den Brink in de uitzending kwam. Maar ik vind wel dat het inhoudelijke gesprek anders had gemoeten. Visser stelde dat de Bijbel slechts tien procent geweld bevatte. Een terechte opmerking, gezien de sneer van Pauw dat het allemaal geweld en bloedvergieten is in die heilige boeken. Maar tegelijk is het een zwakke opmerking. Visser werd ook prompt overtroefd door moslima Anne Dijk, die stelde dat er in de Koran maar twee procent geweld stond.”

Hoe moet het beter?
“Theologen moeten uitleggen waarom die tien procent geweld in de Bijbel staat. Daar is iets zinnigs over te zeggen. Visser en Van den Brink vluchtten te veel weg naar de veilige negentig procent. In dat opzicht vond ik het gesprek een gemiste kans.”

Maar waarom staat die tien procent dan in de Bijbel?
“Het is zeer onwaarschijnlijk dat de slachtpartijen waarover de Bijbel spreekt inderdaad zo hebben plaatsgevonden. Ik denk dat we op dit punt het historisch onderzoek serieus moeten nemen en dat wijst meer in de richting van een geleidelijke, tamelijk vreedzame vestiging van stammen die zich later Israëlieten gingen noemen. De Bijbel beoefent geen geschiedenis in de moderne zin van het woord. Dat is één. En twee: wat de Bijbel op dit punt beschrijft, is een uitdrukking van het besef dat het heidendom weg moet: de eredienst aan de afgod Baäl, de vruchtbaarheidsreligie, de kinderoffers. Dat wist men destijds kennelijk niet anders uit te drukken dan in een verhaal over de vernietiging van deze heidenen. Ten derde: de Bijbelschrijvers zitten als ze deze verhalen opschrijven in de positie van de underdog. We hebben het dan over de periode voorafgaand aan en tijdens de Babylonische ballingschap. Dat is een spannende tijd voor het koninkrijk Juda. Vijandige legers bedreigen land, stad en tempel, en uiteindelijk ook het volk zelf. Dit brengt de felheid aan in hun woorden. Dát is het verhaal dat aan Jeroen Pauw en aan het Nederlandse volk moet worden uitgelegd. En graag iets uitvoeriger dan ik het nu kan doen.”

Lees het volledige interview met Sam Janse in De Nieuwe Koers. 

tekst Tjerk de Reus

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *