Bent u bang geweest in het afgelopen jaar? Voor Brenton Tarrant in Christchurch? Voor Gökmen Tanis, in die tram in Utrecht? Voor vreemdelingen? Voor Trump? Erdogan? Assad? 

Bent u bang geweest voor de kerk? Voor afkeuring? Voor genderneutrale toiletten? Voor regelgeving? Voor homo-emancipatie? Voor alle ellende waaraan mensen leden en stierven in 2019? Voor Zwarte Piet? Voor roetveegpiet? Voor de uitslaande vlammen in de Notre-Dame? 

Bent u bang geweest voor uzelf? Voor alles wat komt, maar waarvan u nog niet weet? Of voor wat komen gaat, omdat u precies weet wat?

De blijde boodschap luidt: vrees niet! En die staat ook op het omslag van dit nummer. Het is paradoxaal, want de handen die u ziet, zijn van een man die je gerust een slaaf kunt noemen. Een moderne slaaf, dat wel, ergens in een dorp in India. Blauw geworden van het verven van zijde. Luxe zijde; fijn en zacht. 

Het is een slaaf die we niet hoeven zien. Die we niet hoeven ontmoeten. Alleen maar zijn product. 

Ik beschuldig u niet. Althans, niet meer dan ik mijzelf beschuldig. Het systeem dat wij met elkaar hebben ontworpen, heeft genoeg ontsnappingsroutes; voldoende clausules waarin onze invloed, als individu, wordt gerelativeerd tot een minuscuul radertje in een niet te stoppen kolos. Tot een schakeltje – zo klein, dat je er met goed fatsoen geen verantwoordelijkheid aan kunt verbinden. 

Maar als ik de blauwe handen van deze man zie, met een kaars ertussenin geklemd, dan laat mij de vraag niet los hoe zijn gezicht eruit zou zien. Hoe zou hij heten? Heeft hij kinderen? Hoe zou hij mij aankijken? En wat zou die blik bij mij dan uitwerken? Zou ik door schaamte verteerd worden, als Petrus die de blik van de lijdende Jezus niet kon ontlopen? 

Volg Felix de Fijter op Twitter.

Ik verlang er wel eens naar alles om te gooien. Compromisloos te zijn. Een beetje zoals Paul Schenderling, verderop in dit nummer, die vertelt hoe hij het niet verdragen kon dat zijn pasgeboren kind gedoopt zou worden in een wit broekje dat door slaven is gemaakt. Hij bracht het terug naar het warenhuis. 

Wat is ervoor nodig om dat in beweging te zetten? Angst en vrees? Nee, angst verlamt. De herders verruilden, oog in oog met het engelenkoor, hun vrees niet voor niets voor vrijmoedigheid. Vrijmoedigheid om alles achter te laten en het kindje van wie ze gehoord hadden, in de ogen te kijken. 

Misschien dat u en ik, de kerstboodschap indachtig, die vrijmoedigheid in onszelf ook kunnen ontdekken. Het kaarslicht in de blauwe handen schijnt ons bij.

Felix de Fijter

hoofdredacteur

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *