Wat iedereen kon zien aankomen, krijgt nu vorm: het Nederlandse referendum gaat niets uithalen in Europa, zo meldde de NOS begin oktober. Het Oekraïneverdrag zal gewoon geratificeerd worden, ook als Nederland geen handtekening zet. Dertig miljoen euro is uitgegeven aan een kansloos project, met als enig effect dat Jan Roos en Thierry Baudet hun politieke carrière hebben gelanceerd. Zij kunnen nu, samen met Wilders, het onbehagen van de boze burger uitbuiten met de klacht dat er niets gedaan wordt met de wil van het Nederlandse volk.

Referenda werken in de hand dat de samenleving verstart en polariseert

Het referendum begon als een idee van D66, maar is inmiddels overgenomen door rechts. Het Forum voor Democratie van Baudet maakt er zelfs een hoofdpunt van. En laten we wel zijn: referenda klinken aantrekkelijk. Wie kan er tegen meer democratie zijn? Zijn ze niet bij uitstek het middel om de kloof tussen burger en politiek te verkleinen? Maar zoals zoveel dingen die mooi klinken, zitten er de nodige addertjes onder het gras. Het eerste bezwaar is dat referenda de democratische participatie verkleinen. Neem referendumparadijs Zwitserland: sinds 2000 is de gemiddelde opkomst bij volksraadplegingen daar ruim 45 procent. Vergelijk dat met de opkomst bij parlementsverkiezingen in Nederland: rond de 75 procent. Bij referenda wordt van de burger een simpel ‘ja’ of ‘nee’ verwacht op een vaak ingewikkelde vraag. Logisch dat veel burgers thuisblijven: de meeste problemen zijn te moeilijk voor zo’n zwart-witkeus.

Dan zitten we meteen bij het tweede probleem. In onze parlementaire democratie hebben we gekozen volksvertegenwoordigers, die namens ons via een moeizaam proces van onderhandelen proberen bij complexe vragen ergens in het midden uit te komen. En juist omdat er meerdere partijen zijn, krijgen meer stemmen een kans. Bij referenda ontbreekt die notie: the winner takes it all. Zodra de uitslag binnen is, telt alleen de wil van de meerderheid. Dat is een weinig soepel systeem, dat nauwelijks ruimte laat voor nuance en compromis. Referenda werken zodoende in de hand dat de samenleving verstart en polariseert. Onderhandelen heeft nauwelijks zin als je kunt gaan voor alles of niets, geholpen door een slimme publiekscampagne.

Ten slotte: referenda creëren een schijnwerkelijkheid door te schermen met de wil van ‘het volk’, terwijl het bijna altijd gaat om een kleine meerderheid van de minderheid die gestemd heeft. Neem het referendum over het vredesverdrag met de FARC in Colombia: 50 procent was tegen, bij een opkomst van 37 procent (de Volkskrant, 3 oktober). Bij het Oekraïnereferendum ging het om 61 procent van 32 procent van de Nederlanders. In beide gevallen hebben we het dus over de wil van nog geen vijfde deel van het volk. Daar is niets democratisch aan: de vele stemmen van de burgers worden gesmoord door een mythisch beroep op de ‘volkswil’.

Democratie is een prachtige uitvinding. Maar te veel van het goede is zelden een goed idee.

One thought on “Democratisme

  1. Een misser, Stefan! Het zijn niet de twee referenda die de politiek hebben gepolariseerd; dat proces is al ouder dan het eerste referendum over een Europese grondwet. Dat had je moeten vermelden.
    De polarisatie ontstaat doordat een snel groeiend aantal burgers zich niet ‘gehoord’ voelt, anders gezegd: verkiezingen leveren op dat politici aan de haal gaan met ‘de poet’, niet doen wat ze voor de verkiezingen als heldere standpunten hebben laten horen. Het is zelfs zo erg geworden dat a-zeggers met een goudeerlijk gezicht morgen b doen. Dat is niet te verkopen. Referenda zijn nu een middel om nog iets van dat democratisch gehalte te handhaven.
    Ga de straat eens op en vraag burgers of ze zich door die politici voelen vertegenwoordigd, waarop ze bij de laatste verkiezingen hebben gestemd… Je zult schrikken van de antwoorden!
    Daar komt bij dat je nog geen veertig jaar geleden politici met overwicht had, met kennis van zaken. Tegenwoordig zijn Kamerleden zelden bekend, en al helemaal niet herkenbaar aan ‘eigen’ standpunten; ze gedragen zich als stemvee, en hun geluid is zelden of nooit authentiek.
    Stefan: burgers zijn niet gek. Bij een referendum kunnen ze rustig dwars stemmen, er is uiteindelijk geen politicus die serieus luistert; dat wisten ze allang, kijk maar naar wat er met de uitslag van verkiezingen gebeurt:
    – het CDA kon samenwerken met de PVV…
    – PvdA en VVD konden samen in één kabinet.
    Kijk: dat zijn nu zaken die aan de kiezer niet zijn uit te leggen….
    Vergeet elke staatkundige vergelijking tussen Zwitserland en Nederland.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *