Deze maand

Deze maand in De Nieuwe Koers

In deze editie een opvoedingsspecial met een essay van Marlies Hanse, een interview met de wereldberoemde psycholoog Andrew Solomon, de auteurs Hans Werkman, Janne IJmker en Joke Verweerd blikken terug op de opvoeding die ze zelf gaven en Harmen van Wijnen over jongeren die kerk zijn in hun eigen sociale netwerk.

Verder een interview met filosoof Henk van der Waal over zijn boek Mystiek voor Goddelozen, boer Jan Huijgen voorziet een ineenstorting van ons voedselsysteem en topadvocaat Jan Louis Burggraaf legt zijn leven naast dat van Mozes. “In de boordroom wordt wel gehuild. Soms huil ik mee.”

Onze vaste columnisten Stefan Paas, Otto de Bruijne, Willem Maarten Dekker en Katie Vlaardingerbroek bespreken de actualiteit vanuit hun eigen invalshoek, Jaap-Harm de Jong besluit de serie Zeven deugden met een bespreking van Next to Her, langs de meetlat van de liefde en cultuurwetenschapper Robin van Deutekom duikt in de wereld van de zombifiactie van literatuur en gaat na wat bijvoorbeeld Max Havelaar met Zombies onze hedendaagse cultuur te zeggen hebben.

In de boekenrubriek recenseert Tjerk de Reus Fuzzie van Hanna Bervoets, en is ook aandacht voor Een hemel zonder schroeven en Thérese van François Mauriac. Verder een gesprek met Frank Bosman over Spiritualiteit van de tuin, en recensies van het veel besproken Homo Deus van Yuval Noah Harari, Paul Youngs God is goed en ik niet en Protestanten van Alec Ryrie.

En uiteraard nog veel meer!

 

De Nieuwe Koers een keer proberen? Download hier de PDF-editie voor € 4,95.

Op Stille Zaterdag overleed Emma Morano op 117-jarige leeftijd. Zij was de enige mens ter wereld die nog net in de negentiende eeuw geboren was. Sommige mensen zijn als Volvo’s: de motor blijft eindeloos vrolijk spinnen. Volgens medici is DNA het geheim: deze mensen zijn toegerust op hoge ouderdom. Ze houden er zin in, tot lang voorbij de honderd.

Ook vroeger waren er daarom mensen op wie de dood geen vat leek te krijgen. Maar in onze tijd van vergaande medische zorg is hoge ouderdom een massaver- schijnsel geworden. Met als gevolg dat er ook mensen oud worden die daar mentaal minder voor zijn toegerust.

En dan zitten we zomaar in de discussie over ‘voltooid leven’. D66 en VVD willen het mogelijk maken dat mensen die levensmoe zijn er pijnloos en comfortabel uit kunnen stappen. Dit moet gebeuren door het beschikbaar maken van dodelijke middelen en via gesprekken met een externe consultant (geen arts), die de ernst van de doodswens beoordeelt. Zowel de commissie-Schnabel, die verruiming van de euthanasiewet onderzocht, als artsenorganisatie KNMG hebben zich ertegen uitge- sproken, maar dat heeft niet mogen baten.

Wat is ervóór te zeggen? Er zal altijd een relatief kleine, mondige groep ouderen zijn die – zonder depressies of andere ziekten – ervan overtuigd is dat het zo goed is geweest. Voor hen wil het wetsvoorstel een uitweg bieden, en tegelijk de risico’s op misbruik zoveel mogelijk beperken. En waarom ook niet?

Lees de volledige column van Stefan Paas in het mei-nummer van De Nieuwe Koers. Abonneer hier.

Wat doe je als je het belangrijk vindt om je kinderen kennis te laten maken met God, maar twijfelt aan alles waar je ooit in geloofde? Hoe geef je vorm aan de geloofsopvoeding als je zelf meer vragen dan antwoorden hebt? Journalist Marlies Hanse woont met haar gezin in Berlijn en worstelt al jaren met deze vragen. Voor De Nieuwe Koers gaat ze opnieuw op zoek naar antwoorden.

‘Hallo, God!’, roept mijn vierjarige zoon enthousiast als we tussen de middag met elkaar aan tafel zitten. ‘Ik ga even kijken of hij er wel echt is, mama.’ Hij loopt naar het raam, gaat op zijn tenen staan en kijkt omhoog. ‘God, ben je daar?’ Hij wacht even, herhaalt zijn vraag nog een keer. We zijn allemaal stil. ‘Ik hoor niks. Zie je wel, mama, God bestaat niet.’ Triomfantelijk kijkt hij me aan, alsof hij zojuist een groot mysterie heeft ontrafeld. ‘Ik denk dat God wel bestaat,’ zeg ik ietwat aarzelend. ‘Ik zie en hoor Hem ook niet, maar als ik muziek luister of over het strand loop, voel ik dat God er wel is.’ Hij haalt zijn schouders op. ‘Ik denk het niet’, mompelt hij, terwijl hij een flinke hap neemt van zijn boterham met pindakaas.

Overzichtelijke wereld

De eerste twintig jaar van mijn leven waren doordrenkt van het christelijk geloof. Ik voelde me geborgen in de zekerheid dat God er altijd was en de Bijbel maakte mijn wereld overzichtelijk. Ik droomde als jong meisje dat ik samen met Jezus door de winkelstraat liep en als tiener stak ik in volle overgave mijn handen naar hem omhoog. Ik leidde jarenlang een Alpha-cursus in onze gemeente, was vaak te vinden in de evangelische boekwinkel en probeerde dag in dag uit Jezus centraal te stellen.

Toch ontstonden er langzaam barstjes. Vragen die voorheen alleen door anderen werden gesteld, kon ik niet langer naast me neer leggen. Mijn stille momenten met God werden minder. Ik trouwde met mijn jeugdliefde en verhuisde naar Duitsland. Mijn wereld werd letterlijk en figuurlijk groter. Ik kreeg vrienden die er een totaal ander wereldbeeld op nahielden, kwam via de dansscene waarin mijn man werkt in aanraking met een cultuur die kunst en moderniteit ademt, en ontdekte dat de aarde onmogelijk in zes dagen geschapen kon zijn. Samen deden we ons best opnieuw aansluiting te vinden in een kerkelijke gemeente, zonder succes. Ik worstelde met christelijke dogma’s. Zo raakten we bevriend met een boeddhistisch, homoseksueel stel. Door deze vriendschap zette ik niet alleen mijn vraagtekens bij wat ik had meegekregen over seksualiteit en geaardheid, maar ook bij het zonde- en helvraagstuk. Het idee dat dierbare familieleden en vrienden die niet in de God van het christendom geloven voor eeuwig verloren zouden gaan, daar kon ik niet langer mee leven. Toch was de God van mijn jeugd me te dierbaar om afscheid van te nemen. Dat ik niet langer in staat was mijn geloof te definiëren, nam ik voor lief. Mijn kinderen zou ik kennis laten maken met God, maar hoe ik dat zou doen, dat was een kwestie voor later.

Bijna vijf jaar geleden werd ik moeder: de hoogste tijd om de brokstukken van mijn enthousiaste zwart-witgeloof bij elkaar te rapen en mijn geloof opnieuw vorm te geven. Maar wat me vóór die tijd niet lukte, bleek ook nu een complexe opgave. Hoe gaf ik opnieuw vorm aan mijn geloof als ik twijfelde aan bijna alles wat ooit zo zeker leek?

Marlies Hanse groeide op in Woerden. In 2010 verhuisde ze naar Duitsland, waar ze na een tijdje in Osnabrück en Heidelberg gewoond te hebben met haar man en twee kinderen neerstreek in Berlijn. Vanuit de Duitse hoofdstad schrijft ze met name over educatieve onderwerpen voor bladen als Margriet, Radar+, Ouders van Nu, Flair en Kiind Magazine. Lees haar essay verder in het meinummer van De Nieuwe Koers, of abonneer hier.

Boer en filosoof Jan Huijgen houdt serieus rekening met de ineenstorting van ons voedselsysteem. Weg brood, weg beleg, weg zuivel, weg groenten, weg fruit. “Er hoeft maar iets te gebeuren.”

Hij heeft het niet zelf bedacht, verzekert Jan Huijgen in zijn kantoor op de Eemlandhoeve bij Bunschoten. De term ‘col- lapse’ in relatie tot het voedselsysteem komt in de officiële documenten van de Europese Unie geregeld terug. In de vergaderkamers houden ze rekening met de kans dat het helemaal misgaat, weet hij.

Wie al een vaag gevoel van onbehagen koesterde over de manier waarop ons voedselsysteem vandaag functioneert, is na een gesprek met Huijgen zonder twijfel écht bezorgd. In de rust van de vrijdagmiddag – het meeste werk van

de week zit erop – slaat de boer de benen over elkaar en plaatst zijn vingertoppen nadenkend tegen elkaar. Om hem heen staan boeken, veel boeken. Een dreigende titel als Farmageddon springt in het oog, maar ook wat ideologischer ogende boeken als Weet wat je eet, Liever lokaal en Sterven voor een idee vullen de ruimte. Op een mestvork op stan- daard prijkt de tekst ‘Boeren hebben een oplossing’. “Ons voedsel komt steeds grootschaliger op een paar plekken bij elkaar. Heel veel onderdelen van het voedselsysteem zijn gedigitaliseerd. Als er een storing komt, gaat het systeem plat. Er hoeft maar iets te gebeuren en het brood belandt niet meer in de supermarkt.”

Lees het volledige interview in het mei-nummer van De Nieuwe Koers. Abonneer hier.

Nu Nederland een stuk minder religieus is geworden, zoeken we een nieuwe totempaal om zingeving en moraal aan op te hangen. Volgens microbioloog en NRC-columnist Rosanne Hertzberger hebben we die inmiddels gevonden. Voedsel is religie, zei ze afgelopen maand, en ze kon het niet vaak genoeg herhalen.

Alsof Noord-Korea een bom op Amerika had gedropt, zo doken de media afgelopen weken op haar nieuwe boek Ode aan de E-nummers. NRC, de Volkskrant, Vrij Nederland, Eén Vandaag en RTL hapten hongerig toe op een foodhype in wording, en De Nieuwe Koers doet er onbeschaamd aan mee. Terecht, want Rosanne Hertzberger haalt de bezem door een hele serie dogma’s van de voedingskerk en beweert vervolgens dat voedsel en gezondheid langzaamaan veel kenmerken van religie begint te vertonen. Vooral dat laatste vinden we interessant: voedsel als upcoming religie.

Lees het volledige verhaal in De Nieuwe Koers. Abonneer hier!

Het reclamespotje van Kerk in Actie waarin een poster met Jezus’ beeltenis aan flarden wordt gescheurd, stuitte afgelopen maand op een hoop kritiek. Blasfemie, vonden sommigen. Een oecumenische slag in het gezicht, oordeelde een katholieke prominent. Vernietigingsdrift van IS-proporties, zei een ander. Het is de tweede keer binnen korte tijd dat een reclamestunt onder de vleugels van de PKN brede afkeuring krijgt. Dat roept de vraag op in hoeverre een heilige kerk en goeie reclame een gelukkig huwelijk vormen. Jan Schinkelshoek, Tom Mikkers en Anton de Wit reageren.