Je kon erop wachten. Tal van predikers, zieners, profeten en allesweters hebben, niet gehinderd door enige epidemiologische of virologische kennis, gemeend ons te kunnen vertellen wat Gods plan met de coronacrisis is.

Waar Hij ons op wil wijzen. Hoe Hij ons vertrouwen op de proef stelt. Welke tekenen van de eindtijd zich aftekenen. En hoe we ons, gelet daarop, moeten verhouden tot het handelen van de overheid. “Dit is een kans voor het Koninkrijk!”, riep iemand op Twitter. “Het is een middel in Gods hand”, wist het Reformatorisch Dagblad

Waar komt toch die neiging vandaan? Waarom hebben we dat nodig? Geeft het ons geloof extra fundament? Geeft het ons houvast, in onze angst en vrees, als we de lotgevallen die ons overkomen met een haakje aan Gods grote plan kunnen vastketenen? 

Hoe dan ook: het dient nergens toe. Het is niets anders dan het instrumentaliseren van andermans leed om je eigen punt te maken. 

Willem Maarten Dekker schrijft in dit nummer (p. 62) over de omgang van theoloog Kornelis Heiko Miskotte (1894-1976) met de vraag naar God in het lijden. ‘In de kern’, vat Dekker samen, ‘is lijden niet begrijpelijk of zinvol, ook niet voor wie gelooft.’ En, voegt hij toe: ‘een begrepen God is sowieso geen God’. Wat dan wel? Miskotte zegt: ‘God is de Verborgene.’

Schrijver Willem Jan Otten speurt in dit nummer naar de betekenis van Pasen, aan de hand van de film A Hidden Life. Hij komt tot vergelijkbare inzichten. Otten citeert Fani, de vrouw van de Oostenrijkse boer Franz Jägerstätter, die zich totterdood weigerde loyaal te verklaren aan Adolf Hitler. ‘Eens komt de dag dat we weten waar het voor is’, verzucht ze. ‘Dan zijn er geen raadsels meer; we zullen weten waarom we leven.’

Is er dan nu geen troost? Tjerk de Reus (p. 38) haalt Oepke Noordmans aan. “Jezus droeg onze ziekten, ons leed, onze zonde, onze dood. Hij draagt ons gebrek aan vertrouwen, onze overmoed, ons zwaarmoedige nihilisme. In al die dingen is Hij mensen nabij. Hij draagt mensen in de nood van hun bestaan. Niets minder dan dat is de belofte.” 

Dat lijkt me genoeg.

Felix de Fijter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *