Een kerkarchitect legde het me eens uit: in de middeleeuwen bouwden we kerken die gericht waren op God. Het altaar stond middenvoor; geen ontkomen aan. Daar ging het om. Tot de jaren zestig stond de priester met zijn rug naar de gemeente. Hij bracht het volk immers bij God. Het gemeenschapsleven viel samen met het gewone leven in stad of dorp, dat hoefde niet in de kerk.

Hoe anders zijn kerkgebouwen tegenwoordig. Ze zijn gebouwd voor onderlinge ontmoeting. Rond Schrift en Tafel, dat wel. Maar er moet een groot podium zijn, waar veel mensen op kunnen staan. Ondertussen vraag ik me wel eens af of we niet zijn doorgeslagen. Zijn we niet te druk met onszelf geworden, met creatief en spontaan zijn, met onze eigen beleving en het organiseren van de gemeenschap? Nemen we ons hyperactieve leven niet teveel mee in de kerk?

“Waarom zoeken naar een bijzondere ervaring als we voor het ‘gewone’ spreken van God nauwelijks nog aandacht kunnen opbrengen?”

Het zal in veel kerken niet anders gaan dan in de onze. ‘Ach, zo’n votum en groet is toch ook maar een formule’, zei iemand laatst. De schriftlezing lijkt soms wel het uitgelezen moment om kinderen naar de oppas te brengen of naar het toilet te gaan. Als de dienst om wat voor reden ook kort gehouden moet worden, slaan we het intochtslied, de wetslezing of de belijdenis toch gewoon over? En als je net een baby hebt gekregen, kun je die voeden in de kerk. Dat moet toch kunnen? Wie stoort zich nu aan babygeluiden of de ritselende tas met het speelgoed van de peuter die ook naar de oppas gebracht had kunnen worden?

Tegelijk is er een onmiskenbaar verlangen naar ervaring van Gods aanwezigheid. We houden er Bijbelkringen over, gaan naar conferenties en als er in de kerk een getuigenis klinkt, luisteren we geroerd. Dat is allemaal mooi en goed. Maar waarom zoeken naar een bijzondere ervaring als we voor het ‘gewone’ spreken van God nauwelijks nog aandacht kunnen opbrengen?

Kerk ben je. Dat organiseer je niet, je gelooft erin. Het is er als twee of meer gelovigen in Zijn naam aanwezig zijn, hoe gebrekkig soms ook. Wij zijn genodigd door God, uitgesproken in het votum, om Hem te ontmoeten, niet andersom. Hij spreekt het meest direct in de liturgie en de schriftlezing. En Hij vraagt onze reactie in lied en gebed. Een prachtig spel van Woord en antwoord.

Arie Kok

Hoofdredacteur

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *