NRC-journalist en auteur Jannetje Koelewijn schreef een boek over haar gereformeerde jeugd, haar dementerende moeder en autoritaire vader. ‘Ik moest mijn mond houden, maar ben gaan schrijven.’

tekst Sjoerd Wielenga beeld Niek Stam

Exodus 2:3-5 Ze (…) legde het kind erin en zette de mand tussen het riet langs de oever van de Nijl. 

“Of ik goed gehecht ben is de vraag. Het was de tijd van dokter Spock: pak je kind zo weinig mogelijk op, anders raakt het maar verwend. Dat namen mijn ouders vrij letterlijk, dus de eerste nacht na mijn geboorte sliepen zij boven en ik beneden bij de kachel. Die ging ’s nachts uit en de volgende morgen vonden ze me blauw en slap. Ik ben overigens in hetzelfde huis geboren als mijn vader, in Tuindorp Oostzaan in Amsterdam. Zijn ouders verhuisden vanuit Spakenburg daarnaartoe en mijn ouders hebben het huis overgenomen.

‘Ben je gek? God houdt van je?! Nee, dat hoorden we niet. God straft en wreekt, dát wel’

Nadat mijn vader ambtenaar was geweest, werd hij directeur van de vereniging voor christelijk voortgezet onderwijs in Amsterdam, een koepel van christelijke middelbare scholen. Daar was hij heel trots op; hij was enorm op status en vond zichzelf vaak beter dan anderen. Hij kwam uit een nest van sociale klimmers, een Spakenburgse familie van vissers. Door de komst van de Afsluitdijk, die de Zuiderzee afsloot, hield het vissersbestaan op. Mijn opa had ook gevoel voor status en liet zich van visventer omscholen tot politieman met een mooi uniform. Toen de Olympische Spelen in Amsterdam werden gehouden, was er een grote behoefte aan gereformeerde politiemannen omdat die zo gezagsgetrouw waren. Samen met mijn grootmoeder Jannetje – naar wie ik vernoemd ben – verhuisde hij naar een gereformeerde enclave in Amsterdam-Noord. Alsof hij vanuit het Rifgebergte naar de grote stad verhuisde, een énorme stap.

Mijn overgrootvader was volgens mijn vader een dweil, een loser die met te weinig geld thuiskwam. Mijn overgrootmoeder nam de visverkoop van hem over, en haar lukte het wél. Hun zoon – mijn grootvader – was een uitgesproken knappe en ijdele man die naar de ogen werd gezien. Mijn vader had als enige zoon veel status in het gezin en werd te weinig teruggeduwd. Mijn vader vond mijn grootvader een slappeling, die hij vernederde. Een klassiek freudiaans verhaal waarin de zoon zijn vader vernietigt. 

Mede door die opvoeding is mijn vader een potentaat geworden. Hij was een autoritaire vader, die zijn kinderen sloeg en de vrouwen in het gezin vernederde. Al droeg hij mijn moeder ook op handen. Hij vond dat vrouwen aantrekkelijk behoorden te zijn. Ik herinner me dat er voor het eerst vrouwen ouderling of diaken mochten zijn. Zodra de kerkenraad binnenkwam, had mijn vader commentaar op het uiterlijk van een vrouwelijke ambtsdrager. Te dikke benen, lelijk, geen goede kleren aan. Hij zag graag dat zijn dochters na de middelbare school een zorg- of een taalstudie zouden volgen. Als we economie of natuurkunde zouden studeren, zouden we volgens hem een ouwe vrijster worden. Het maakte me onzeker. Ik durf zelfs te zeggen – ik aarzel om het te zeggen…” Ze zoekt naar woorden en zucht. “Het bijbelverhaal van Jakob die eerst met de lelijke Lea trouwde, terwijl hij Rachel wilde, werd thuis breed uitgemeten. Mijn vader bleef het tot op z’n ouwe dag vertellen. Lea mocht de boot niet missen en werd ertussen geschoven. Lelijk-zijn is dus gevaarlijk. In ons gezin mochten, in mijn beleving, de jongens ongestraft klotedingen over het uiterlijk van meisjes zeggen! Tot op de dag van vandaag ben ik bezig met hoe ik eruitzie. Ik denk dat ik dik ben omdat ik hoorde dat ik dik en lelijk was. ‘Dikke koeien’, zeiden de mannen in ons huis. Krankzinnig! Heb je mijn WhatsApp-foto weleens gezien?” Ze toont op haar telefoon een jeugdfoto. “Ik was helemaal geen lelijk meisje, maar mijn haar zat stom en ik had een bril op. Als jong pubermeisje heb ik de vader van een vriendin min of meer verleid. Hij zei dat ik mooi was, dat zei mijn eigen vader nooit. Door met die vader een machtsspelletje te spelen, had ik macht over mijn eigen vader. 

Door mijn vader de afgelopen jaren te interviewen had ik eveneens macht over hem. Ik bepaalde immers wat er in het boek kwam, al liet ik hem alles lezen. Hij was een perfecte romanfiguur: hij kent zichzelf, hij streeft én valt. Hij erkent dat hij zijn status kwijt was, dat de kerken leeg waren gelopen en zijn oud-predikant Hans Schouten zelfs katholiek priester is geworden. Zijn hele leven was voorbij. Wég. Daarom wilden hij en Hans Schouten meewerken aan de interviews. Hun soort man was voorbij; ze hadden een enorme status gehad in het gereformeerde leven en voelden allebei aan dat ze representanten waren van een generatie die voorbij was. In de jaren zestig waren wij een keurig gereformeerde familie; net als iedereen om ons heen gingen we op zondag in colonne naar de kerk. Tien jaar later was dat wég. Mijn moeder ging niet meer naar de kerk. Mijn vader had geen bevindelijk godsgeloof, maar bleef wel gaan. Dat je zelf een relatie met God had, nee, daar was hij niet van. Het ging om politiek, maatschappij en de kerk als bindende factor in de samenleving. Een persoonlijk gebedsleven had hij niet, al bad hij wel met ons voor en na het eten. Of hij zei dat God van ons hield? Nee, ben je gek!” Ze lacht smakelijk. “God houdt van je! Nee, dat hoorden we niet. God straft en wreekt, dát wel. Op school hoorden we wel verhalen over Jezus, de barmhartige Samaritaan, de opstanding van Lazarus. Ze waren voor mij hetzelfde als de sprookjes van Grimm. Ik vond het heerlijk, allemaal even mooi. De bijbelse boodschap van liefde heeft nooit postgevat op mij. Jammer hè? Het was nooit genoeg, God oordeelt altijd over je. Ik heb daardoor een wat te sterk geweten gekregen. Nog steeds zit diep in mij het besef: er is er één die oordeelt. Voor mij, die niet gelooft, is dat een abstracte god.  

Maak van mij geen getraumatiseerd kind; zo ging het toen gewoon in gereformeerde gezinnen. Mijn jeugd heeft me bovendien gehard; ik heb daardoor mijn best gedaan en ben ver gekomen. Van een beetje tegenslag ga je harder rennen.” 

Dit is 30 procent van het artikel. Verder lezen? Neem een abonnement? Of koop dit nummer digitaal.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *