Wat betekent het anno 2019 nog om man te zijn? Of specifieker: een christelijke man? Alain Verheij merkt dat zijn vriendin beter kan inparkeren en dat hij vaker kookt. 

In de politiek, in het publieke debat en in de kerk steken nieuwe genderdebatten de kop op. Het beeld lijkt te zijn dat we vroeger precies wisten welke rol een man moest spelen -als echtgenoot, als vader en als leider- maar dat de verhoudingen nu onoverzichtelijk en diffuus zijn. Enigszins stuurloos dobberen we rond. De een haalt die verandering binnen als een bevrijding, de ander verlangt terug naar de mores van weleer.

Het voorbeeld dat ik in mijn eigen jeugd heb gekregen was al niet zo zwart-wit en traditioneel. Er was wel die verdwaalde keer dat mijn vader weifelend zei dat hij de ‘hogepriester van ons gezin’ moest zijn, maar hoe dat dan gestalte moest krijgen werd daarbij niet duidelijk. In zijn boekenkast stond een gekregen exemplaar van De ongetemde man ongelezen stof te vergaren. Gedurende mijn tienertijd organiseerde mijn vader speciale mannenavonden voor christenen in de regio. Liefst had hij mijn moeder gewoon meegenomen, want hij zag de noodzaak voor afzonderlijke bijeenkomsten per gender niet. Toch merkte hij bij bezoekers dat die behoefte er was. 

Gemengd

Na de onvermijdelijke jaarlijkse thema-avond over seksualiteit kwam mijn vader eens verbolgen thuis. De spreker van dienst had alle mannen op hun seksuele jachtinstinct gewezen. ‘Geef nou maar toe: als jij op het strand bent, is het eerste wat je doet even rondkijken of er nog mooie vrouwen in badkleding om je heen lopen’. Toen mijn vader zijn hoofd schudde bij gebrek aan herkenning, had de spreker gesneerd: ‘Oh ja, je hebt ook nog van die mannen die liever vluchten in het organiseren van christelijke mannenavonden’. Niet veel later schakelden mijn ouders definitief over op gemengde bijeenkomsten voor hem én haar: pap was klaar met alle testosteron.

U leest hier een deel van het artikel. Het volledige artikel vindt u in de zomer-editie van De Nieuwe Koers. Kennismaken? Probeer eens een proefabonnement. Nu 3 maanden voor € 12,50

In mijn eigen leven heb ik de klassieke man-vrouwverhoudingen de afgelopen jaren nog verder omgedraaid. Mijn vriendin kickbokst, hangt de lampen op in huis, verdient meer geld en kan beter inparkeren dan ik. Zelf stofzuig en kook ik vaker dan zij. Dat patroon, of beter: zulke diversiteit en variatie zien we vaker terug bij generatiegenoten – ook al heb ik in mijn werk in kerken door het hele land in meer dan driekwart van de gevallen nog altijd met een man van doen. Wat een man is, wat hij moet zijn en hoe zijn verhoudingen tot anderen zouden moeten werken, dat lijkt steeds minder vastomlijnd te zijn. Is dat erg of is dat goed, is het onvermijdelijk of moet het worden teruggedraaid?

Mannelijk en vrouwelijk

Als we het aan de grootste wereldkerk vragen, de Rooms-Katholieke Kerk, krijgen we een duidelijk antithetisch antwoord: de tijdgeest heeft zijn gevaren. In zijn exhortatie Amoris Laetitia uit 2016 ageert paus Franciscus onder andere tegen gendertheorie, die leidt tot “een maatschappij zonder verschil in geslacht”. Mannen en vrouwen moeten niet vergeten dat er aparte rollen voor hen zijn weggelegd. De paus hamert in het betoog op de waarde van het traditionele gezin met man-vrouw-kind, zoals Adam en Eva en ook Jozef en Maria het vormden. Voor mannen is er geen ruimte om fluïde met hun gender om te gaan, of om liefdesrelaties met andere mannen aan te gaan. Zij zijn geroepen ter “bescherming en ondersteuning van echtgenote en kinderen”. Tenzij ze priester worden natuurlijk, een in dit kerkgenootschap tot op heden exclusief mannelijk ambt. Ook het vrouwelijke diaconaat, waarnaar de afgelopen jaren uitgebreid studie is gedaan, lijkt nog niet direct in zicht. Verschil moet er zijn en blijven, dus, ook al benadrukt de paus ook wel de “identieke waardigheid tussen man en vrouw”.

Kerkelijk breed

Voordat we deze conservatieve opstelling van het Vaticaan zouden wegwuiven als typisch en exclusief rooms-katholiek, is het goed om te beseffen dat die veel breder gedragen wordt in de christelijke wereld. Sterker nog: als je behoefte hebt om de kerkelijke oecumene te bevorderen, doe je er goed aan om te beginnen bij het thema ‘gezin’. Zo ontmoetten de Roomse paus en de Russische patriarch elkaar drie jaar geleden voor het eerst in een klein millennium. Ze brachten na hun gesprek een gezamenlijke verklaring uit, die voor een significant deel ging over de gevaren van de maatschappelijke uitholling van het gezin. Na een eeuwenlang schisma was dit bij uitstek iets waar de twee kerkbazen het roerend over eens konden zijn.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *