Volgens onze cultuur gaat het er al ongeveer vijftig jaar om dat we ‘het’ zo vaak en zo lekker mogelijk doen. En daarvoor zijn natuurlijk meerdere bedpartners nodig. Terwijl ik dit schrijf, is het precies een halve eeuw geleden dat muziekfestival Woodstock gehouden werd, symbool van de vrijheid en blijheid van de hippies. Daar ging het niet alleen, maar wel mede om seksuele vrijheid, mogelijk gemaakt door technische en maatschappelijke ontwikkelingen, zoals de pil en afnemend gezag van de kerk.

Willem Maarten Dekker

In die beginjaren had seks ook iets van echte, haast kinderlijke vrolijkheid. In Turks fruitvan Jan Wolkers is het seksuele genot niet zozeer ongeremd als wel ongecompliceerd. Dat is heel anders in moderne romans als die van Arnon Grunberg. Daar is seks altijd ook omgeven met narigheid. Egoïsme, jaloezie, geweld, narcisme – ze doordringen en perverteren de seks. De ontroerendste passage bij Grunberg is die waar ‘het’ net níét gebeurt. In zijn debuutroman vertelt hij over een verliefd tienerstelletje. Als ze op bed liggen en een beetje bezig zijn, zegt zij tegen hem, die ook onzeker is: “Het kan ook met onderbroekje aan.” Aandoenlijk. Maar verder is de seks meestal hard en genadeloos. Alsof de dood er al in sluimert.

Het valt mij op dat het ‘orthodoxe’ christendom nu pas bezig lijkt de erfenis van Woodstock in te halen. Christelijke relatietherapeuten buitelen over elkaar heen om je te vertellen dat je ook als gelovige je fijne plekjes mag benoemen, van seks mag genieten, en dat misschien ook wel in de vorm van soloseks en homoseks. Het zal allemaal wel ergens goed voor zijn, maar laten we niet denken daarmee up-to-date te worden. De cultuur is allang geen Woodstock meer, maar Grunberg.

Volgens Freud, wiens geschriften over seksualiteit nog steeds heel lezenswaardig zijn, wordt de seksualiteit niet veroorzaakt door de ander en is deze ook niet gericht op de ander. Seksualiteit is als zodanig een instinct, een drift waar helemaal geen ander voor nodig is. Een mens moet zijn seksuele energie kwijt, zoals hij moet eten en moet slapen. Seks sec, zou je kunnen zeggen, staat in dienst van de natuur en niet van de persoon. Het is een voortplantingsdrift die slechts met moeite in te passen is in een relatie van liefde.

Deze visie van Freud en Grunberg sluit veel beter aan bij die van de kerkvaders, bedacht ik mij weer bij het lezen van het opmerkelijk diepzinnige boek Gemeenschap en andersheidvan Ioannis Zizioulas (dat in het vorige nummer van dit tijdschrift ook aan de orde kwam). Hij stelt dat het in de seks gaat om het voortbestaan van de soort, maar een ander voor de ander – een persoon – word je pas door een tweede geboorte, de wedergeboorte. Daarom is de doop belangrijker dan de natuurlijke geboorte. En je geloofsgeheimen zijn belangrijker dan je bedgeheimen.

Willem Maarten Dekker

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *