Home>Algemeen>In Syrië wordt al jaren op grote schaal eenzaam gestorven

In Syrië wordt al jaren op grote schaal eenzaam gestorven

Is sterven in eenzaamheid werkelijk “een wrange vrucht van onze voortvarende en succesvolle levensstijl”, zoals Irma Donkersloot recent in Trouw beweerde?

tekst Désanne van Brederode

“Het lijkt alsof onze ogen meer en meer gesloten raken voor de nietige, kwetsbare en ogenschijnlijk minder gave kant van het leven”, schreef de mantelzorgondersteuner en oprichter van MarthaZorg, een bureau voor mantelzorgondersteuning.
Er is veel wat mensen samen kunnen doen, maar sterven doe je alleen. Ook als er dierbaren rond je ziekbed zitten, die nog iets liefs, iets geruststellends zeggen. Die je bedanken. Voor alles. Die je aankijken als je je ogen opslaat, die je water laten drinken uit een flesje met een rietje, die je vermoeide, koude handen vastpakken en strelen en je laten voelen: ga nu maar.
Met je meegaan kunnen ze niet. Sterker, veel mensen sterven precies in die paar tellen dat wakende verwanten en vrienden even pauze houden. De dochter die de parkeermeter bijvult en een telefoontje moet plegen, de echtgenoot die naar de wc gaat, de hartsvriendin die brood en koffie moet kopen, omdat bij haar thuis het gewone leven nu eenmaal doorgaat… ‘Een kwartiertje, hooguit, dan ben ik weer bij je.’ En in dat kwartiertje gebeurt het.
Mijn vader, die na zijn pensioen nog een tijd lang uitvaartbegeleider bij DELA was, vertelde er regelmatig over. Dus keek ik niet vreemd op toen mijn moeder uitgerekend stierf op die ene late ochtend waarop ik alleen in mijn ouderlijk huis had gelogeerd, na anderhalve week waken naast haar ziekenhuisbed, waarbij mijn vader en ik elkaar hadden afgewisseld en om beurten op een bankje in een gastenkamer hadden geslapen. Ze had me bijna gesmeekt dat ik naar huis ging, met de paasboodschappen, en toen ik dan toch maar aan die wens gehoor had gegeven, durfde ze rustig dood te gaan.

Kunstje herhaald
Twintig jaar later herhaalde mijn vader het kunstje. Ik was naar het ziekenhuis onderweg met mijn logeertas: misschien zou hij willen dat ik, net als bij mijn moeder, ’s nachts naast zijn bed zou zitten en dan had ik mijn spullen alvast bij me. Maar al in de trein ontving ik het bericht van zijn vrouw. Hij was gestorven. Er waren bekenden bij geweest. Zijzelf was net even de gang op gelopen.
Blijkbaar lukt sterven ongezien vaak het beste. Misschien is het de bezorgdheid om dierbaren die stervenden remt, of aan hun lichaam kluistert. Al is het onbewust. De ander jouw ontluisterende laatste ademtocht besparen, is jezelf óók laten kennen.
Natuurlijk is alleen sterven, of sterven zonder net die twee of drie allernaasten in de buurt, iets heel anders dan eenzaam sterven. Daarbij doemt het beeld op van de oude, langdurig zieke man of vrouw die door niemand meer wordt bezocht, ‘omdat er toch niets meer mee valt te beginnen’. Zonde van de tijd, en we hebben het al zo druk. Inderdaad: de tragiek van het moderne, op het eigen welbevinden gerichte leven.
Maar ook mensen die sterven in een verkeersongeluk, of zomaar, in de supermarkt, door een plotselinge hartstilstand, of bij een val van de zoldertrap, of door te ver in zee te zwemmen en daarbij in een gevaarlijke stroming te belanden, sterven eenzaam en zonder dat er een afscheid is geweest. In al die gevallen is het vooral de omgeving die het daar moeilijk mee heeft. En het maakt de rouw doorgaans zwaarder, grimmiger zelfs. Omdat er zoveel ongezegd is gebleven, en er zoveel vragen zijn. Omdat men zichzelf verwijten maakt. Omdat de schok zó onwerkelijk is, dat nabestaanden nog heel lang kunnen denken dat de gestorvene morgen of overmorgen weer voor de deur staat.

Als we eenzaam sterven werkelijk erg zouden vinden, zouden we vaker en luider in opstand komen tegen de oorlog in Syrië

Ik wil zeker niet beweren dat eenzaam sterven, omdat het nu eenmaal niet is uit te bannen, slechts een kwestie van aanvaarden is – maar het risico bestaat dat we in afzondering gestorven mensen postuum gevoelens van eenzaamheid toedichten die soms meer zeggen over onszelf, en ons ietwat sentimentele, geïdealiseerde beeld over de laatste levensuren, dan over hen.

Memento mori
Als we eenzaam sterven werkelijk erg zouden vinden, zouden we vaker en luider in opstand komen tegen bijvoorbeeld de oorlog in Syrië, waar dagelijks op grote schaal eenzaam gestorven wordt, al ruim zes jaar lang: is het niet door bombardementen en beschietingen, dan wel in gruwelijke gevangenissen, door martelingen, stress, zorgen, trauma’s, honger, een gebrek aan medicatie. En dat niet alleen, we zouden ons dagelijks realiseren dat onze geliefden, vrienden en verwanten sterfelijk zijn, en daardoor eerlijker en inniger met ze omgaan. Memento mori hoort niet pas bij je op te komen na het bericht over een (eenzaam) sterfgeval of bij een uitvaart. Het doortrekt, als het goed is, alle relaties, alle handelingen en geeft er diepte, warmte en glans aan. Zelfs een korte ontmoeting, een blik, of een gesprekje op de tramhalte, kan daardoor een wederzijds geschenk worden. Waarmee iemand dankbaar kan blijven, zelfs of juist in het onaangekondigde uur van de dood.

Download hier de PDF-editie van november voor € 4,95 en lees alle verhalen. Of sluit een (proef)abonnement af!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *