Het artikel ‘Evangelische groepen kennen geen crisis’ van Bram van de Beek was vast bedoeld om de notie van oordeel en bekering aan de orde te stellen, juist in deze tijd van crisis. Maar na het lezen ervan blijft vooral ontsteltenis over, stelt Hans Maat van het Evangelisch Werkverband. 

tekst Hans Maat

Het wordt zo langzamerhand een beetje gênant. De vaak hooghartige kritiek op de evangelische en charismatische beweging vanuit protestantse hoek. Als ambassadeur van een evangelisch-charismatische vernieuwingsbeweging binnen de Protestantse Kerk (PKN), zie ik steevast misnoegde protestanten en collega-theologen, die vanaf de zijlijn de evangelische en charismatische wereld nogal ‘zurig’ beoordelen. Eigenlijk getuigt dat van schromelijke zelfoverschatting: waar zij huiveren voor een evangelische of charismatische kerk als uitwijkmogelijkheid voor de lauwheid van de traditionele kerken, groeit deze beweging explosief. Sterker nog: het is de snelst groeiende tak aan de christelijke boom. Binnen één generatie zijn zij volgens onderzoek de grootste onder ons vanuit een wereldwijd perspectief.

Als evangelische en charismatische christenen in de spiegel vol raadselen kijken die Bram van de Beek hun voorhoudt, dan weten zij zich niet gekend. Allereerst gooit hij ze allen op één hoop, maar los daarvan zijn zij de vleesgeworden individualisten van het christendom, gestuurd door de eigen behoeften en ik-gerichtheid. Zo lezen zij de Bijbel selectief en zo zingen zij hun liedjes voor zichzelf. Zij worden geleid door religieuze kwakzalvers en valse profeten in gemeenschappen vol gelijkgezinden en mediashow. De evangelische en charismatische stroming bevindt zich niet ‘in’ maar ‘naast’ de kerk en laat zich door de cultuur absorberen. En of dat nog niet genoeg was: evangelische en charismatische christenen kennen geen crisis, ze zijn immers losgezongen van de wereld en haar leed.

Massief kerkbegrip

Natuurlijk begrijp ik dat deze erudiete professor een puntige pen heeft en ik doe niets af aan zijn betekenis voor de theologie in Nederland. Maar bij het lezen van zijn artikel vroeg ik mij af: waar komt al die kritiek op evangelisch Nederland toch vandaan? In het artikel lijkt de kritiek te worden gevoed door een welhaast massief kerkbegrip en een sterke hang naar terugkeer tot de moederkerk, de katholieke kerk welteverstaan. Daarmee beweegt Van de Beek zich – en hij neemt zeker niet als enige deze positie in – steeds verder weg van de evangelische en charismatische beweging, want die gaan echt niet met hem mee naar Rome. Of is het toch aanmatigende allergie voor de laagkerkelijkheid die eigen is aan de evangelische beweging, voor het niet mee willen komen in een hoogambtelijke structuur met bisschoppen, sacramenten, dogma’s en de hele santenkraam? 

Dit is 30 procent van het artikel. Meer van De Nieuwe Koers? Koop dit nummer online, of maak nu heel voordelig kennis.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *