Bisschop Gerard de Korteis een zachtmoedig man, zegt hij zelf. Tegelijkertijd schuwt hij de polarisatie niet als hij het nodig acht. “Ik ben een keer uitdagend boos geworden opeen aantal vrijzinnige dominees: Kun je met die God van jou ook sterven?

tekst Felix de Fijter beeld Niek Stam

Ze (…) legde het kind erin en zette de mand tussen het riet langs de oever van de Nijl. Exodus 2:3-5

“Ik groeide op in Vianen, in de nadagen van het rijke, Roomseleven. Het geloof heb ik van jongs af aan ingedronken. Het werd thuis beleefd:moeder brandde een kaarsje bij Maria als er iets moeilijks was, we baden de rozenkrans en we gingen trouw naar de kerk.

Ik was een religieus gevoelig kind. Op zolder timmerde mijn vader een altaartje, waar ik priestertje speelde met andere vrome jochies. Bij een religieuze boekhandel in Utrecht kon je er allerlei benodigdheden voor vinden: een kelkje, een ciborie, een monstrans; alles wat nodig was om de mis na te spelen. En bij de drogist kochten we ouwelpapier om kleine hosties van teknippen.”

Het hele artikel lezen? Koop de jongste editie van De Nieuwe Koers hier digitaal. Meer over dit nummer? Klik hier

“Als priester leef je celibatair en dan is de band met familie belangrijk. Ik ben close met mijn zus, we hebben dezelfde interesses. Ook met mijn broer heb ik een goede band, maar onze belangstelling loopt sterk uiteen. En bij hem is de vonk van het geloof nooit overgeslagen. Ik weet niet hoe dat komt. Je kunt het genade noemen, dat het mij wel toevalt, maar dat klinkt zo hovaardig. Het is voor mij geen ingewikkeld vraagstuk. Ik denk: hij is gedoopt, hij is een kind van God. En hij heeft een ontzettend mooi karakter, is goed voor zijn vrouw, goed voor zijn kinderen. Hoe God met hem zijn weg gaat, weet ik niet goed, maar dat kan ik met een gerust hart overlaten.”

Hij keek om zich heen en toen hij zag dat er niemand in de buurt was, sloeg hij de Egyptenaar dood. Exodus 2:11-15

“Ik ben zachtmoedig aangelegd. Dat heb ik van m’n moeder. Ik heb wel standpunten, zeker. Maar die probeer ik genuanceerd te brengen. In een heel links milieu word ik een beetje rechts, in een heel rechts milieu een beetje links. In extremen gaan volgens mij allerlei dimensies verloren. Veel punten die vandaag zo fundamenteel bevochten worden, zijn in het verleden anders geweest en anders gegaan; dat heeft ook mijn geschiedenisstudie mij geleerd. Dus zo heel principieel hoeft je niet altijd te zijn.”

Ik zal niet zeggen, zoals kardinaal Eijk recent heeft gesuggereerd, dat over tien jaar negentig procent van de kerken gesloten is.

Gerard de Korte

“Mijn verstandhouding met kardinaal Eijk wordt in de media geregeld uitgemeten. Dan is het ‘De Korte tegenover Eijk’, of ‘De Korte tegenover Mutsaerts’. Dat vinden journalisten leuk, om je te framen. Daar wordt het overzichtelijk van, maar vaak is de werkelijkheid veel complexer.”

“Niettemin zijn er tussen mij en andere bisschoppen accentverschillen; op zijn zachtst gezegd. Ik zal bijvoorbeeld niet zeggen, zoals de kardinaal recent heeft gesuggereerd, dat over tien jaar negentig procent van de kerken gesloten is. Ik heb er geen enkele behoefte aan om mijn gelovigen te demotiveren. De analyse van Eijk en mij verschilt niet, voor de goede orde. De kerk is een omgekeerde piramide: veel senioren aan de bovenkant en weinig jonge mensen aan de onderkant. En als missionair pastoraat niet slaagt, als we geen nieuwe mensen weten te bereiken, dan moeten we vrezen dat de kerk kleiner en kleiner wordt. Maar ook in dat perspectief ben ik meer vande mobilisatie, de bemoediging. Het zal de bedoeling van de kardinaal niet zijn om te ontmoedigen, maar zijn woorden hebben bij een aantal gelovigen helaas wel dit effect gehad.”

“Voor mij blijven mensen katholiek tot op het moment dat ze zeggen dat ze niet meer bij willen horen. Ik hoop dat zoveel mogelijk mensen tot de inner circle blijven behoren en met Godeen vriendschapsrelatie opbouwen. Maar ook de randkerkelijken die hier de kathedraal binnenlopen een kaarsje aansteken, behoren bij de gemeenschap.”

“In de brief van VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff aan Eijk, waarin aankondigde zich als katholiek uit te schrijven, ging het ook over die gemeenschap. Dijkhoff is uiteindelijk niet op mijn uitnodiging ingegaan om te komen praten over zijn publieke afscheid van de kerk, maar hij is wel bij de kardinaal op bezoek gegaan. Dat is ook veel beter, want het ging tussen hen beiden. Ik vond het belangrijk om in dat conflict wat ontspanning te brengen, omdat het niet zo mag zijn dat de leiding van de Rooms-Katholieke Kerk publiekelijk ruziemaakt met de grootste politieke partij, en mogelijkerwijs met de toekomstige premier van Nederland. Ik heb hier in Brabant vernomen dat Dijkhoff echt geraakt was door de term ‘hyperindividualist’. Het Brabantse ‘wij-gevoel’ is hier namelijk nog onverkort aanwezig. Ik verbind dat ook met het katholicisme: je bent katholiek met andere katholieken. Wie ben ik, zonder een ander?”

Bisschop Gerard de Korte, ‘s-Hertogenbosch. beeld Niek Stam

Drie dagen trokken ze door de woestijn zonder water te vinden. Ex 15:22

“Mijn ouders zijn allebei gestorven in hetzelfde jaar. Moeder in juni, vader in december. Dat kun je gerust een woestijnervaring noemen. Ik raakte in een halfjaar tijd mijn bescherming kwijt. De generatie die het leven heeft geschonken, is weg. Drie kinderen blijven over. Toch heeft het geen crisis veroorzaakt, ook omdat mijn ouders beiden in geloof gestorven zijn.”

“Mijn moeder was geen sterke vrouw, ze was sterk afhankelijk van mijn vader. Maar ze werd juist in de laatste maanden van haar ziekte steeds sterker. Dat heb ik met bewondering bekeken. Hoe ze zo gedecideerd en zo gelovig bleef. Ze ging naar haar dierbaren, dat geloofde ze. Dat gaf mij veel troost en mijn vader ook. Hem heb ik ook nog bediend met de ziekenzalving, in het ziekenhuis. Hij kon niet meer praten, maar hij heeft mij wel gehoord. Op het moment dat ik hem zalfde en bad, maakte hij een groot kruisteken. Dat was een mooi moment.”

“De kerk in Nederland is in zekere zin in een woestijn beland. Wij zijn een minderheid geworden en er zijn momenten dat je daar somber van wordt, dat de duivel op je schouder landt, zoals Luther dat zegt. Wat je dan moet doen, zegt diezelfde Luther, is gezelschap zoeken en muziek maken. En ik put er ook troost uit dat ik onderdeel ben van een wereldkerk. Het is wel eens beter gegaan, om het eufemistisch te zeggen, met al die ellende rondom kindermisbruik. Maar er wordt tegelijkertijd heel veel goeds gedaan in naam vanChristus.”

“Nee, ik heb geen misbruikdossiers op mijn bureau gehad waarmee ik anders had moeten handelen. In mijn Utrechtse tijd gingen klachten overmisbruik naar kardinaal Simonis en in Groningen zijn weinig kostscholen en internaten geweest, en derhalve ook weinig klachten. Toen het rapport-Deetman werd geschreven, ben ik, als referent voor Kerk en Samenleving, woordvoerder namens de bisschoppen geweest. Ik heb dramatische verhalen gehoord, waarbij je van schaamte onder de tafel wilt kruipen; zóveel ellende in kerkelijke kring. Tegelijkertijd is het volgende ook waar: het misbruik is in de kerk niet omvangrijker geweest dan daarbuiten. Misbruik heeft te maken met een afgesloten subcultuur en is daarmee niet aan de kerk voorbehouden.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *