‘We weten wie de slachtoffers zijn, we weten wie de daders zijn – maar we mogen niets delen.’

De jonge Roemeense vrouw kan maar moeilijk rondkomen met haar baantje als verkoopster. Op haar werk ontmoet ze Andrei. Hij koopt wat bij haar. Steeds vaker komt hij langs en maakt hij een praatje. Een etentje volgt, niet lang daarna de eerste kus. Andrei heeft een droom. Hij wil in Nederland een beter bestaan opbouwen, samen met haar. Dan kan ze haar familie geld sturen. Zijn neef heeft al werk voor hem. De vrouw besluit de gok te wagen en met hem op zoek te gaan naar een betere toekomst.

Hadassa Lok
beeld Beeldbazen
beeld Beeldbazen

Eenmaal in Nederland krijgt Andrei een telefoontje: de baan gaat toch niet door. Het geld raakt op. Met één ding kunnen ze snel wat inkomsten verdienen. ‘Het is maar seks’, zegt hij. ‘We hebben het geld echt nodig. Zodra ik werk heb, stoppen we ermee.’ Maar na drie maanden realiseert de vrouw zich dat het helemaal niet gaat stoppen. Ze zit vast. Andrei blijkt niet alleen haar paspoort te hebben; hij heeft ook vrienden in Roe..